Image

Architectuur voor digitale tweelingen

Het ministerie van VRO, Geonovum en DMI hebben in 2025 flink doorgewerkt aan de verdere uitwerking van de Nederlandse architectuur voor digitale tweelingen (NLDT). Deze architectuur bevat technische en organisatorische afspraken die moeten zorgen dat datasets, visualisaties en rekenmodellen van verschillende partijen eenvoudiger uitwisselbaar en koppelbaar zijn.

De nadruk lag dit jaar op het uniformeren van dataformats, het testen van koppelingen en het voorbereiden van herbruikbare componenten die door andere overheden kunnen worden toegepast. De resultaten worden in 2026 gebruikt om de eerste toepassingen te ondersteunen binnen gebiedsontwikkeling, mobiliteitsvernieuwing en klimaat. Concrete voorbeelden zijn o.a. hittestress, wateroverlast, groen-in-en-om de stad, water en bodem. Met de community van digitale tweelingen, waarbij ook VNG is betrokken, investeren we samen in kennisoverdracht en communicatie naar publieke en private partijen in Nederland.

Image

Afronding Testbed Digital Twins Geonovum

Het tweede Testbed van Geonovum is in 2025 afgerond en een derde ronde is inmiddels aangekondigd. Hierbij zijn meerdere scenario’s verkend op het gebied van onder meer mobiliteit, stedelijke vergroening (3-30-300 regel) en sociale indicatoren, waarbij diverse databronnen, rekenmodellen en visualisatietooling van digitale tweelingen van verschillende leveranciers en overheden met elkaar samenwerkten. Daarbij is gekeken naar consistentie van datakoppelingen, overdraagbaarheid van modellen en bruikbaarheid van open standaarden. De afronding van het tweede Testbed maakt duidelijk welke componenten breed toepasbaar zijn en welke onderdelen verdere standaardisatie nodig hebben. De uitkomsten worden verwerkt in de landelijke afsprakenstructuur en vormen een basis voor toekomstige toepassing en vindbaarheid in een Digital Twin Appstore.


Image

Europese samenwerking European Digital Infrastructure Consortium

Naast de nationale activiteiten is in 2025 gewerkt aan de Nederlandse bijdrage aan het European Digital Infrastructure Consortium (EDIC) voor Local Digital Twins. De EDIC richt zich op het opzetten van gemeenschappelijke Europese voorzieningen voor digitale tweelingen, waaronder een set interoperabiliteitsafspraken, testfaciliteiten en technische hulpmiddelen. Nederland vervult hierin een coördinerende rol, met Jan Wester namens Nederland als directeur van het European Digital Infrastructure Consortium for the Network of Local Digital Twins (LDT EDIC CitiVERSE). De werkzaamheden binnen de EDIC sluiten aan op de NLDT-architectuur, waardoor Nederlandse standaarden en ontwikkelresultaten kunnen worden afgestemd op de Europese richtlijnen die de komende jaren worden vastgesteld. De formele benoeming van Jan Wester in zijn nieuwe rol vond begin november plaats tijdens Smart City Expo in Barcelona.

Zie artikel: LDT EDIC Citiverse appoints Jan Wester of the Netherlands as Director for European Collaboration on Digital Twins


Image

Digital Twin Appstore

Met diverse partijen wordt nagedacht over het opzetten van een publiek-private Digital Twin Appstore (DTAS). Vanuit het DMI-collectief zijn onder meer Rotterdam, Amsterdam, Almere, Alkmaar, Geonovum, TNO en de ministeries van VRO en IenW betrokken. Een Appstore maakt toepassingen, modellen en visualisaties beter vindbaar voor Nederlandse overheden en bedrijven, en stimuleert het hergebruik. In november is hiervan een eerste mogelijke vertaling gemaakt in de PDX-functionaliteiten (Producten en Diensten Exchange).

De Appstore-ontwikkeling sluit ook aan bij Europese initiatieven zoals EDIC nLDT en EDIC Digital Commons, en vormt een belangrijke stap naar een gefedereerd Europees netwerk van digitale tweelingen die vanuit dezelfde architectuur, kwaliteitsbeoordelingen en interoperabiliteit functioneren op basis van open standaarden.

Alkmaar heeft al geruime tijd een voortrekkersrol op het gebied van data en digital twins. DMI versterkt zich met een stad die actief kennis en expertise deelt en samen met het DMI-collectief en IenW werkt aan vervolgstappen in de richting van een ‘appstore’ voor digitale toepassingen. Gezamenlijk zetten partijen in op herbruikbaarheid, opschaling en versnelling van digitale innovaties in gebiedsontwikkeling.


Image

Stuurgroep Digitale Tweelingen

De samenwerking tussen VRO, Geonovum, DMI, kennisinstellingen, bedrijfsleven en medeoverheden is verder ingebed via de hernieuwde stuurgroep van het programma Netwerk van Lokale Digitale Tweelingen van het ministerie van VRO (NLDT). Het programma is onderdeel van de meerjarenvisie Zicht op Nederland (ZoN). Deze stuurgroep bewaakt de verbinding tussen de organisatorische kant (o.a. beleid en uitvoering Ruimtelijke Ordening) van gebiedsontwikkeling en de techniek via experimenten, hergebruik van bewezen (deel)toepassingen, verkenning van het Appstore-concept en borging van afspraken, standaarden en mogelijk ook voorzieningen. Een belangrijk doel is het versterken van publieke-private samenwerking. De stuurgroep (h)erkent dat een belangrijk deel van de transitie zich in de organisaties en werkwijzen afspeelt en zal daaraan veel aandacht besteden.


Image

Gebruik en toepasbaarheid voor IenW

De ontwikkelingen binnen het VRO-programma NLDT, de Testbed-opzet en EDIC nLDT zijn ook relevant voor verschillende directies binnen IenW en VRO. De afspraken vergroten de betrouwbaarheid en bruikbaarheid van ruimtelijke data, ondersteunen integraal werken tussen domeinen (water, bodem, mobiliteit, energie) en maken het eenvoudiger om scenario’s voor beleidskeuzes, gebiedsinrichting en uitvoering te vergelijken. Ook kan hiermee een basis worden gelegd voor een digitale infrastructuur, die het gebruik van Digital Twin componenten schaalbaar maakt en hergebruik van bewezen en betrouwbare Digital Twin modules stimuleert. De verwachting is dat deze werkwijze op termijn bijdraagt aan kortere doorlooptijden, beter hergebruik van data en eenduidiger besluitvorming over beleid en investeringen: meer en sneller inzicht met minder pdf’s en lagere kosten. Fijn voor bijv. MIRT- verkenningen, planning van vervanging, renovatie en onderhoud in de infrastructuur, ex ante bepalen van effecten bij verschillende scenario’s en keuzes etc.

Deel dit artikel op